Enquête: Vlaamse woordvoerders bezorgd om toenemende druk op redacties

De Vlaamse woordvoerders maken zich zorgen over de steeds grotere druk op redacties, met gevolgen voor de kwaliteit van de berichtgeving. Dat blijkt uit de eerste grootschalige bevraging van woordvoerders van meer dan 130 bedrijven, organisaties en overheden in Vlaanderen.

De Vlaamse woordvoerders vinden dat informatie soms onvoldoende wordt gecheckt en ergeren zich eraan dat foutieve informatie soms zonder controle wordt overgenomen.  Dat blijkt uit het onderzoek dat werd uitgevoerd door pr-bureau Bepublic, in samenwerking met Kortom, de vereniging voor overheids- en socialprofitcommunicatie. Uit het onderzoek blijkt ook dat Vlaamse woordvoerders nog op een eerder klassieke manier werken, via persberichten en persmomenten.

Het online onderzoek werd uitgevoerd in april en mei van dit jaar en werd voorgesteld op de vierde Nacht van de Woordvoerder, op 7 juni, in Antwerpen. Tom Van de Vreken, organisator van de Nacht van de Woordvoerder en woordvoerder van De Lijn: “Woordvoerders zijn de groep die zelf vaak met onderzoeken komen, maar zelf nog niet het voorwerp van een onderzoek vormden. Daarom hebben we vijfhonderd Vlaamse woordvoerders aangeschreven om te peilen naar het profiel van de Vlaamse woordvoerder. Wie zijn ze, hoe werken ze vandaag, hoe is hun relatie met de journalisten, en hoe maken en verspreiden ze nieuws voor hun bedrijf of organisatie? Met meer dan 130 antwoorden was er een grote respons, die een betrouwbaar beeld tekent.”

Wat blijkt? Iets meer dan de helft van de Vlaamse woordvoerders is jonger dan 40, en bijna 60% zijn mannen. Bijna een kwart van de woordvoerders was eerst journalist en ongeveer even veel hebben geen communicatie-opleiding gevolgd, maar zeggen gepassioneerd te zijn door communicatie. Slechts 22% zegt woordvoerder te zijn geworden na een communicatie-opleiding waarin aandacht was voor persrelaties.

Tom Van de Vreken: ‘Een eerste verrassende conclusie: hoewel communicatieopleidingen al jaren een erg vrouwelijk publiek hebben, is de Vlaamse woordvoerder toch meestal een man. Bijna 60% heeft een communicatieopleiding achter de rug. Woordvoerders en journalisten hebben iets gemeen: ondanks de lange werkdagen en de druk die de bereikbaarheid op het sociale leven legt, blijft het voor velen een droomjob. Misschien is dat wel de reden dat een kwart van de woordvoerders een journalistieke achtergrond heeft.'

Het woordvoerderschap is meestal niet voor een volledige loopbaan weggelegd: amper één op de drie houdt het langer dan tien jaar vol in het vak. De meeste woordvoerders die deelnamen aan de bevraging zijn aan de slag bij de grotere organisaties of bedrijven. Bijna twee derde werkt voor een overheidsdienst of -bedrijf, of een politieke partij.

Informatie wordt niet gecheckt

De opvallendste vaststelling in het onderzoek is dat de Vlaamse woordvoerders zich toch wat zorgen maken over de manier waarop redacties met nieuws omgaan. De grootste ergernissen van woordvoerders zijn dat informatie niet gecheckt wordt, titels de inhoud van een stuk niet weergeven en dat de snelheid van de berichtgeving vaak primeert op de juistheid van de informatie, zeker online. Tot slot vinden de woordvoerders ook dat de berichtgeving te veel gericht is op ‘steekvlammen’ en te weinig op onderwerpen die zij belangrijk vinden of op zaken die wél goed gaan.

Wat waarderen woordvoerders dan aan journalisten waarmee ze contact hebben? Niet verrassend: woordvoerders respecteren vooral journalisten die altijd hun informatie checken vooraleer die te publiceren. Ook verslaggevers die voldoende ruimte geven voor een inhoudelijke reactie van woordvoerders, én die respect hebben voor off the record-informatie worden door woordvoerders op handen gedragen.

Altijd bereikbaar zijn weegt zwaar

Uit het onderzoek blijkt verder dat Vlaamse woordvoerders de hoge mate van bereikbaarheid en de druk op het privéleven lastig vinden. 4 op de 10 woordvoerders blijken meer dan 46 uur per week te werken, een vijfde werkt zelfs meer dan 50 uur per week.

Iets meer dan een derde van de woordvoerders geeft aan dat ze hun job nog maximaal 5 jaar willen uitoefenen. Maar tegelijk zegt ook één woordvoerder op de drie dat dit de job zijn of haar leven is. Er staat dan ook een meer dan gemiddelde verloning tegenover: meer dan twee derde van de woordvoerders verdient meer dan 4000 euro bruto per maand.

Uit de bevraging blijkt ook dat er zelfs in hun eigen werkomgeving vaak een verkeerd beeld bestaat van het werk van de woordvoerder. Maar liefst 44,3% van de woordvoerders zegt dat hun collega’s verkeerdelijk denken dat de woordvoerders letterlijk berichten in de pers kunnen ‘plaatsen’. Zo eenvoudig is het natuurlijk niet.

Meer inzetten op nieuwswaardige verhalen

Woordvoerders zien het als hun belangrijkste taak om op de hoogte te blijven van wat er reilt en zeilt in de organisatie. Ook het uitwerken van nieuwswaardige verhalen en het onderhouden van goede relaties met journalisten vinden ze belangrijk. Opmerkelijk: net deze twee laatste opdrachten zijn uitgerekend de taken waarvan de Vlaamse woordvoerders aangeven er niet voldoende tijd voor te hebben.

Jeroen Wils, Managing Partner van Bepublic: “Woordvoerders moeten vandaag veel tijd steken in de kortetermijn-opdrachten, zoals antwoorden op concrete vragen van journalisten, waardoor er vaak te weinig tijd overblijft om proactief op zoek te gaan naar nieuws in de organisatie. Nochtans ligt er bij de meeste organisaties een schat aan nieuwswaarde verborgen.”

Woordvoerders die op zoek gaan naar informatie in de eigen organisatie, laten zich vooral briefen door een expert. Maar opvallend is dat twee op de drie woordvoerders zeggen dat ze even goed aan informatie komen door toevallige ontmoetingen, bijvoorbeeld bij de koffiemachine of het toilet. Slechts een minderheid (24,2%) van de woordvoerders zegt dat ze via een interne ‘redactieraad’ aan nieuwswaardige verhalen raken, hoewel dit nochtans een beproefde methode is om bedrijfsnieuws naar boven te spitten.

Vier op de vijf woordvoerders zou trouwens willen dat de interne experten een beter besef van nieuwswaarde hebben, zodat die hen spontaner nieuwswaardige verhalen melden. 

Cijfers belangrijkste bron van nieuws

Cijfergegevens zijn de belangrijkste grondstof om nieuws mee te maken over de eigen organisatie. Daarnaast is het aanbieden van een primeur aan één medium een goede manier om met nieuws in de pers op te duiken. Ook het inhaken op de actualiteit - de zogeheten newsjacking - blijkt populair te zijn.

Toch zetten woordvoerders vandaag nog veel minder in op de minder klassieke manieren van nieuws maken, zoals het schrijven van opiniestukken (20%) of het maken van nieuwsvideo’s (12%). “Met opiniestukken kunnen verantwoordelijken of experten nochtans op een geloofwaardige manier hun expertise kenbaar maken aan de buitenwereld, als het maar inhaakt op de actualiteit. En nieuwsvideo’s worden alsmaar interessanter als je bedenkt dat dit jaar 70 procent van het internetverkeer uit video zal bestaan”, aldus Jeroen Wils.

Het zijn typisch communicatietools waarvoor woordvoerders een pr-kantoor inschakelen. Uit het onderzoek blijkt dat vandaag nog minder dan een derde van de woordvoerders (af en toe) met een pr-bureau werkt.

Sociale media nog geen nieuwskanaal

Ook als we kijken naar de kanalen waarmee nieuws verspreid wordt, zien we een eerder klassiek beeld. Het traditionele persbericht, het individueel pitchen bij een journalist en het organiseren van persmomenten zijn nog steeds de meest gebruikte technieken.

Opvallend: sociale media worden voorlopig nog beperkt gebruikt. En dat terwijl ongeveer de helft van de woordvoerders denkt dat sociale media hetzelfde bereik hebben als de traditionele pers. Aan de andere kant is 84% van woordvoerders ervan overtuigd dat sociale media de kwaliteit van het nieuws steeds meer (negatief) zullen beïnvloeden.

Tom Van de Vreken: ‘Het is opmerkelijk hoe klassiek de Vlaamse woordvoerder is in zijn contact met de journalisten: persberichten en persmomenten zijn erg populair, en sociale media zijn bijlange geen eerste keus. Terwijl deze laatste niet meer weg te denken zijn in de hedendaagse communicatie. Bovendien bereik je met persberichten en persconferenties nooit rechtstreeks je publiek. Anderzijds: als de pers je verhaal oppikt, is die wel vaak een grotere megafoon dan de sociale media.’’

Woordvoerders beseffen wel dat die sociale media alleen maar belangrijker gaan worden als informatie- en communicatiekanaal. Bovendien zeggen acht op de tien woordvoerders dat ze hun job niet meer zouden kunnen uitoefenen zoals het hoort zonder de sociale media. Al slaat dat (voorlopig) vooral op de manier waarop de woordvoerders het nieuws volgen, nl. via online nieuwssites en de sociale media. Als nieuwsbron zijn die sociale media trouwens belangrijker (81,8%) dan de gedrukte krant (75,7%).

Twitter steekt er met kop en schouders bovenuit als populairste sociaal kanaal voor professioneel gebruik. Facebook en Linkedin volgen op twee en drie. Opvallend, één woordvoerder gaf toe dat ook de dating app Tinder ‘eerder belangrijk’ kan zijn als professioneel communicatiemiddel.

 

 

Klik hier voor de volledige presentatie.
Klik voor het persbericht.

Meer informatie over het onderzoek:
Jeroen Wils: 0475 30 75 06
Tom Van de Vreken: 0475 96 41 81

Voeg je reactie toe




Auteur: Jeroen Wils

Gepubliceerd op: 07/06/2017


Laatste tweets

Twee weken geleden zaten we 3 dagen samen met een grote groep inspirerende mensen in Parijs op #leadersmeetingparistwitter.com/i/web/status/9…

Wij spreken op

Meer datums

Leadersmeeting@Paris

Een 3-daagse bijeenkomst van en voor Belgische bedrijfsleiders, politici en inspirerende mensen uit de culturele en academische wereld rond een centraal thema.

leadersmeetingparis.be